“Op vrijdag staan we om half zes op!” werd er gezegd. Het zat er al aan te komen. We zouden de Teide beklimmen; de hoogste berg van Tenerife en Spanje.

Met de bus reden we die ochtend al vroeg richting de krater van Las Cañadas, waar de Teide in ligt. Bij sommigen zat de sfeer er beter in dan bij anderen. Toen we werden afgezet zaten we al boven de wolken en had je goed uitzicht over de krater waar we in stonden. Daar stonden we dan. Dit was het begin van een zes uur lange klim en een drie uur lange daling. Het eerste stuk, dat we toen al redelijk steil vonden, was nog relatief vlak. Regelmatig kwamen we vulkanische resten tegen en af en toe grote ronde rotsblokken. Na de eerste pauze werd het al meteen een stuk steiler. Terwijl sommigen stug doorliepen namen anderen vaker een rustpauze. Nadat we langs de herberg waren gekomen begon het klimmen pas écht. Langzaam bewogen we ons voort over en tussen de rotsen. Wat veertig minuten had moeten duren tot boven bleek veel langer. Een voorbijganger had ons gezegd dat het nog twintig minuten was. De volgende voorbijganger een kwartier later zei wéér dat het nog twintig minuten zou duren. Uiteindelijk, toen we nog een paar meter moesten, kwam de rest van de groep die de top had bereikt terug. Het was 15:00 uur en we moesten op tijd terug zijn voor het donker. Hoewel het uitzicht vanaf waar wij stonden net zo prachtig was als op de top begonnen we toch lichtelijk teleurgesteld, omdat we de top nét niet hadden bereikt, aan de afdaling, die, ondanks dat sommigen vaker vielen, makkelijker verliep dan de klim. Toen we eindelijk weer in de bus zaten was iedereen uitgeput en moe. Terwijl anderen nog aan het kletsen waren vielen sommigen al in slaap.

Het was een vermoeiende, maar bijzondere dag met een prachtig uitzicht waar we van hebben kunnen genieten.

Sterre